Posts tonen met het label restaurants. Alle posts tonen
Posts tonen met het label restaurants. Alle posts tonen

dinsdag 6 augustus 2024

Bisteccata

Voor de vegetariërs onder ons: misschien wil je dit niet lezen. Oké, je bent gewaarschuwd. 😇

Het is dinsdagavond, acht uur. Man en ik lopen ons dorp Tavarnelle in, want we zijn door Giovanni uitgenodigd voor de traditionele Bisteccata bij ons pas ontdekte restaurant Il Caratello. Op het plein en in de straten is markt met lokale producten, en er is een deejay om de sfeer erin te brengen. 


Tijdens Bisteccata komen zowel de lokale bewoners als vele vakantiegangers op het dorpsplein samen om aan lange tafels biefstuk te eten. En dan gaat het niet om zomaar een biefstukje, maar om de beroemde bistecca Fiorentina.


Op het plein staan gedekte tafels klaar en op de tafelkleden staan de namen van de gasten geschreven. Wij ontdekken onze naam op een tafel vlakbij de ingang van Il Caratello en Giovanni komt al aangesneld. Hij stelt ons voor aan Ferdinando, die vanavond onze gastheer is. We nemen plaats en naast ons zit een Nederlands stel. 


Ferdinando legt ons uit wat de bedoeling is. Bij iedere vraag die we hem stellen, geven onze Nederlandse tafelgenoten antwoord. Het is duidelijk dat zij dit feestje al eens eerder hebben meegemaakt. Ferdinando laat zich niet van zijn stuk brengen. In z’n beste Engels legt hij ons uit dat we zo bij de plaatselijke macelleria (slager), die heel toevallig pal naast Il Caratello huist, een stuk vlees mogen uitzoeken. Dat wordt vervolgens iets verderop voor ons bereid, waar vuur is en stoere mannen de scepter zwaaien.
























Terwijl we in de rij staan voor de deur van de slager, komt onze Nederlandse tafelgenoot onze drankjes brengen, omdat het wachten wel even zal duren. Hoe attent. Wat opvalt is dat er in de rij nagenoeg alleen maar mannen staan. Eenmaal binnen voor de vitrine, waar enorme brokken koe liggen uitgestald, stijgt het adrenalinepeil zichtbaar en hoorbaar. Of nee, het testosteronpeil zelfs denk ik. Het is wel echt een mannending. De meeste vrouwen zitten met elkaar te kleppen aan de tafels en wachten rustig af tot hun stukje vlees bereid en getrancheerd voor hen uitgeserveerd wordt.

 


Voor ons in de rij staat een groepje van vijf Italiaanse mannen. Hoe dichter ze bij de slager komen, hoe opgewondener ze raken. Ze wijzen een homp koe aan en de slagersjongen legt het stuk op het hakblok. Dan gaat de slager himself, een kleine, iele oude man, met een vlijmscherp mes en een heuse hakbijl het stuk vlees te lijf. Natuurlijk geen keurige beschaafde plak, want dan is het net een gewoon stukkie vlees. Nee, de plakken zijn minimaal vijf tot zes centimeter dik en wegen zo’n 1000 gram of meer. Je leest het goed, meer dan een kilo.


 De mannen springen door de winkel en slaan vreugdekreten uit als ze de weegschaal zien doorslaan. Breed grijnzend verlaten ze het pand. Dan zijn wij aan de beurt. We wijzen het stuk vlees aan waarvan wij wel een stukje willen. De slager bekijkt ons eens goed en gebaart tussen duim en wijsvinger een centimeter of drie, vier. Ik knik ja, want meer dan een kilo is wel erg veel voor ons tweeën. Overigens ziet Man dat anders dan ik.


 We brengen onze bistecca naar de vuurmannen en wachten het rustig af aan onze tafel. Ondertussen genieten we van bruschetta al pomodoro en prosciutto e melone en de voortreffelijke Chianti-huiswijn. Ferdinando komt elke tien minuten even melden dat het echt goed gaat met onze bistecca en dat het niet lang meer zal duren. Onze Nederlandse tafelgenoten hebben alles al op, de vrouw stond vanavond dan ook al als eerste in de slagerij, gevalletje ‘de ervaring leert’. 




 


Dan is het zover en het moet gezegd, het vlees is verrukkulluk. We smikkelen en smullen, en de hoeveelheid blijkt geen enkel probleem. Wat een feest, dit. Een belevenis op zich en supertof om mee te maken. Met dank aan Giovanni en Ferdinando. En dat allemaal in het ogenschijnlijk rustige Tavarnelle, wat een dorp!


                                                           🥩  🥩  🥩  🥩  🥩


Voor de liefhebber nog enkele technische specificaties. De bistecca Fiorentina is een entrecote van rundvlees, 12 tot 18 maanden, van het ras Chianina. Dit is essentieel en uitsluitend Toscaans. Ook de dikte en de baktijd zijn uiterst belangrijk. De florentijnse biefstuk wordt heel dik gesneden, zo’n vijf tot zes centimeter en mét het T-bot. Anders is het maar een gewoon stukje vlees en dat willen we niet.


Vervolgens wordt het vlees op de grill gebakken op zeer hete kolen. Daardoor komt er een korstje op en blijft het vanbinnen zacht en sappig. Het wordt één keer omgedraaid, twee tot drie minuten per kant gebakken, plus vijf minuten op het bot. Als het vlees blijft staan op het bot, heeft de slager het goed gedaan. Buon appetito!

zaterdag 3 augustus 2024

Cantuccini e vin santo

Tavarnelle in Val di Pesa. Een ogenschijnlijk slapend, niet veelzeggend dorp in Toscane. Er is een Coop, een kerk en een dorpsplein. Een groot dorpsplein, dat wel, met het stadhuis en wat terrasjes. En gratis parkeren. 

Man en ik zoeken een leuke eettent. We hebben ons net, na twee dagen reizen, geïnstalleerd op Agricamping Romita en hebben trek. We lopen een rondje over het dorpsplein om de paar schamele terrasjes van dichtbij te bekijken. Zo op het eerste gezicht lijkt het niet veel soeps. Ik check Google Maps om te kijken of er elders in het dorp nog restaurants zijn. Dan valt mijn oog op de vermelding ‘best beoordeeld’ bij Il Caratello, het restaurant recht voor onze neus. 


Het terras is klein maar ziet er best kneuterig uit. We worden hartelijk ontvangen door een superleuk jonk dat zich voorstelt als Giovanni. Hij heeft helaas geen plek voor ons, want al zijn zes tafels zijn gereserveerd. Hij baalt er zelf ook van, kijkt en springt wat in het rond en floeps, toch een tafeltje vrij voor ons.


We gaan zitten, scannen de QR-code op tafel en bestuderen de menukaart. Die is verrassend leuk met allemaal niet alledaagse gerechten. Neem nou de bijgerechten; niks niet patates frites of gebakken aardappels, geen standaard bakje sla of platgekookte worteltjes. Maar ‘contorni’ als cannellinibonen met salie, kikkererwten met rozemarijn of, oké, dan toch een insalata mista. Man kiest voor de bonen bij zijn hoofdgerecht, ik laat de bijgerechten voor wat ze zijn. 😂


Het is hartstikke lekker en leuk en gezellig bij Il Caratello. Giovanni komt tussen de bedrijven door steeds even kleppen. Als toetje biedt hij ons de specialiteit van het huis aan, Cantuccini e Vin Santo. De ‘heilige wijn’ van Toscane, met cantuccini-koekjes om erin te dippen. Die móéten we van ‘m proberen. ‘The cookies are like stones’, lacht hij. Dus flink soppen is het devies.



Ter afsluiting bestelt Man nog een doppio, maar omdat er ondertussen nieuwe gasten staan te wachten op een tafel, doen we de koffie binnen. Gasten blij, Giovanni blij, wij blij.

Binnen is het ook gezellig. Met Giovanni en het meisje achter de bar hebben we het over de vakantie, Toscane, de heerlijke huiswijn, het lekkere eten en wat al niet meer. Giovanni vertelt over het bijzondere dorpsfeest van aankomende dinsdag. Of we misschien zin hebben om te komen, en hij pakt de reserveringsbijbel er al bij. Dinsdagavond, acht uur. Wij zijn present. Met dank aan Google Maps. 


[wordt vervolgd]

woensdag 22 januari 2014

Nogal jarig!

Niet alleen Twingo verjaarde deze maand, ook ik mocht weer een streepje achter mijn naam zetten. Ik moest van Man de hele dag vrij houden. Wat zou hij bedacht hebben? Al dagenlang of liever gezegd wekenlang stelde ik nieuwsgierige vragen en was ik scherp op vage signalen of versprekingen van zijn kant. Mijn vermoedens schoten alle kanten op, maar er was geen touw aan vast te knopen. Op oudjaarsavond hulde ik mij dan ook niets vermoedend in mijn slobberige joggingbroek en dito vestje, nadat ik had hardgelopen en fris en fruitig had gedoucht. Dat was echter niet de bedoeling. Kleren aan en beneden rustig gaan zitten. Zitten en wachten. Man was boven nog druk doende. Wachten, wachten.

Na een klein uurtje was het voor elkaar. Man vroeg mij plaats te nemen in de auto. Waar gingen we toch heen? Vlak voor de afrit Nieuwleusen riep Man plotseling dat hij iets was vergeten. Echt heel overtuigend. We moesten rechtsomkeert. Man draaide bij die afslag de snelweg wel af, maar niet om te keren. Hij reed pardoes de toerit naar de Koperen Hoogte op. De Koperen Hoogte! Asjemenou. Daar kun je heel fijn eten, naar het schijnt. Man parkeerde de auto en toverde uit de kofferbak een, jawel, koffertje. Je hebt geen koffertje nodig om te eten, dacht ik nog. Bij de receptie werd meer duidelijk. De receptiemevrouw feliciteerde mij hartelijk en overhandigde ons de sleutel van een kamer met het idyllische nummer 1001. Kamer 1001 op de 10e etage, mét jacuzzi en stoomcabine. Het duizelde me enigszins en dat kwam niet door die mooie glazen lift, die aan de buitenkant van de toren naar boven suisde.

Eten deden we op de 14e etage in restaurant La Tour, op vijftig meter hoogte. Daar wachtte ons een verrassingsdiner van maar liefst vier gangen. Op mijn dessertbordje stond met chocolade geschreven: ‘van harte gefeliciteerd’. En terwijl wij genoten van al het lekkers, draaide het restaurant langzaam in het rond. Wat een feest. Op de 15e etage namen we nog een drankje in De Maritieme Bar, gelegen boven het waterreservoir van de vroegere watertoren. De volgende morgen bleek het feest nog niet compleet. Na een heerlijk uitgebreid ontbijtbuffet reden we zuidwaarts. We gingen niet naar huis, zoveel was duidelijk. Na verloop van tijd prijkte er ineens ‘Veluwse Bron’ op de borden. Glimmend en stralend keek ik Man aan. Het werd nog een heel relaxed dagje sudderen, pruttelen en knorren. Wat een machtig mooi verjaardagscadeau.